Trompetneushoornvogel

Latijnse benaming :Ceratogymna ( Bycanistes ) Bucinator
  

Jonge trompetter

 Beschrijving :

Deze vogel heeft een lengte van 50 tot 55 centimeter. Hij is over het algemeen zwart van kleur met op een aantal plekken een groene gloed. Hij heeft op sommige plekken kleine grijze vlekken in zijn gezicht. Het onderste gedeelte van de staart, de borst, buik, stuitveren, uiteinden van de armpennen en de binnenkant van de handpennen zijn wit. De middelste staartveren zijn wel geheel zwart. De snavel en de helm zijn zwart gekleurd. De kleur van de oogring is donkerpaars, rood of roze, afhangend van het broedseizoen. De ogen zijn roodbruin en de poten en voeten zijn zwart.

 Afmetingen & gewicht :

Man :                                   Vrouw :                                                             vleugels : 273 302 mm.   vleugels : 252 280 mm.                                 staart : 200 230 mm.        staart : 188 209 mm.                                    snavel : 121 154 mm.       snavel : 94 125 mm.                                 gewicht : 607 941 gr.        gewicht : 452 670 gr.

 Geslachtsonderscheid :

Het vrouwtje is over het algemeen hetzelfde als het mannetje, alleen is ze wat kleiner in alles. Verder is er nog het verschil dat de ogen bruin zijn en de helm is ook veel kleiner.

 Verspreidingsgebied :

Ze komen voor in het zuiden van Kenia, Tanzania, het noorden van Angola, Zambia, Malawi, Mozambique, in geheel Zimbabwe behalve het centrale plateau, en in Zuid-Afrika in noordoost Transvaal Natal en de oostelijke Kaapprovincie.

 Natuurlijke leefomgeving :

Ze leven vooral in de altijd groene wouden langs de kust en ook in vochtige beboste gebieden en mangroven. Ze zijn ook vaak te vinden aan de rand van het oerwoud en de overgang naar de savannen. Af en toe begeven ze zich ook op de savannen en ook in rivierengebieden in de wouden. Ze bevinden zich tot op een hoogte van 2200 meter. 

 Natuurlijke voeding :

De natuurlijke voeding bestaat vooral uit allerlei verschillende soorten fruit. Toch wordt en af en toe ook dierlijk voedsel naar het nest toegedragen zoals rupsen, kevers, spinnen, nestvogels, eieren, duizendpoten en krabben en na een tijdje worden er af en toe zelfs kleine zoogdiertjes naar het nest gebracht. Deze vogels zoeken vaak gezamenlijk voedsel in een groep van ongeveer 50 vogels.

 Voeding in gevangenschap :

Nog in bewerking

 Broeden en levenscyclus :

De tijd van het jaar dat de vogels beginnen met het bouwen van het nest hangt af van het land waar ze leven. In Kenia en Zambia is dit in oktober, in Angola van oktober tot december, in Zimbabwe van september tot december en in Zuid-Afrika in de maanden oktober en november. De gehele broedperiode duurt minimaal 94 dagen. Het vrouwtje zit al 10 tot 15 dagen op het nest voordat ze de eieren gaat leggen. Het duurt dan 28 dagen voordat de eieren uitkomen en de nestperiode die daarop volgt is minimaal 50 dagen. In deze periode worden er 2 tot 4 witte eieren gelegd met putjes in de schaal. De eieren worden gelegd met tussenposen van 2 a 3 dagen en het broeden begint al vanaf het eerste ei dat gelegd wordt.

In tegenstelling tot veel andere neushoornvogelsoorten broeden deze vogels relatief laag boven de grond, ongeveer 2 a 3 meter. Dit kan overigens in sommige gevallen wel hoger zijn, tot ongeveer 13 meter. Dit is bij veel vogels juist het dichtste bij de grond dat ze komen met het nest. Ze nestelen in veel gevallen juist niet in de buurt van voedselbronnen en daardoor moeten ze vaak 3 tot soms wel 3 kilometer vliegen om voedsel te halen. Deze vogels zijn niet echt territoriaal, hoogstens in de directe omgeving van het nest en tot ongeveer 200 meter eromheen. Het nest wordt dichtgemaakt door middel van modder. Het mannetje gaat dit halen en eet het dan op. Eenmaal weer bij het nest aangekomen braakt hij het dan weer op en geeft het aan het vrouwtje, zodat zij de ingang van het nest dicht kan metselen. Hiervoor gebruikt zij ook resten eten en mest, deze laatste twee vooral in het eindstadium van het bouwen. Tijdens de nestperiode ondergaat het vrouwtje een eclipsrui, waarbij ze haar gehele verenpak vernieuwd. Van de jongen zal de jongste het vaak niet overleven en kan zelfs na 2 a 3 weken nog doodgaan van de honger. De ogen van de jongen gaan open met de 12 dagen. Als de jongen uitvliegen kunnen ze de eerste 2 a 3 dagen nog moeilijk vliegen en ze blijven nog dicht in de buurt van het nest voor 5 a 7 dagen.

In gevangenschap is het zo dat deze vogels niet heel erg moeilijk broeden. Ze blijven in gevangenschap sowieso minimaal 94 dagen in het nest en het mannetje is opvallend rustig in deze periode.

 Broedresultaten :

Broedverslag Johan van Frankenhuyzen.