Home Pteroglossus bailloni

Goud toekan



De Goudtoekan vormt eigenlijk een overgang tussen de geslachten Selenidera en Andigena en werd dan ook bij Peters in een Subgenus Baillonius geplaatst, terwijl sommige auteurs er de voorkeur aan geven deze naam voor dit geslacht te handhaven.
Een belangrijk kenmerk van het geslacht Andigena vormt de staart, die aanmerkelijk langer is dan de vleugels.
De onderdelen zijn bekleed met haarachtige veren van een enkele tint en ook in dit opzicht passen deze vogels bij het geslacht Andigena.
Er zijn echter ook veel punten van overeenkomst met Pteroglossus en Selenidera.
Daar de vogels uit Zuidoost Brazilië komen behoorden ze tot de eerste ontdekkingen en werden ze al in 1819 beschreven.
Daar de kleuren van een gedode vogel al heel gauw veranderen of verdwijnen, was het moeflijk aan de hand van balgen, die in musea waren ondergebracht kleurbeschrijvingen te maken.
Levende exemplaren zijn echter later zo nu en dan in dierentuinen in Europa opgenomen, zodat men thans een juist beeld heeft van de mooie kleuren.
Gould constateerde grote verschillen in de maten der snavels, wat echter niet geleid heeft tot splitsing in ondersoorten.
De vogels leven in de dichte wouden van het laagland en voeden zich voornamelijk met besvruchten.
Er bestaan geen uiterlijke geslachtsverschillen.
Mogelijk is het dat de vrouwtjes kleinere en smallere snavels hebben, maar hierover bestaat nog geen zekerheid.